De meeste medewerkers in zorg en welzijn zetten zich dagelijks met hart en ziel in voor cliënten. Toch wordt de zorg- en welzijnssector geconfronteerd met een ‘kleine’ groep van deze zorgmedewerkers (1-3%) die ernstig over de schreef gaat jegens cliënten, bijvoorbeeld door het plegen van diefstal, mishandeling en seksueel grensoverschrijdend gedrag. Deze cliënten zijn vaak zeer kwetsbare ouderen en mensen met een beperking die onze bescherming nodig hebben. Deze ontoelaatbare gedragingen veroorzaken niet alleen onveiligheid binnen de organisatie, maar ook emotionele en materiële schade met grote impact op cliënten, familie en personeel.

Daarom het Waarschuwingsregister!

Het Waarschuwingsregister zorgt ervoor dat mensen die werkzaam zijn in zorg en welzijn en een strafbaar feit hebben gepleegd niet bij een andere zorgorganisatie aan de slag kunnen. Hierbij gaat het om zowel zorg- als niet zorggerelateerde functies en arbeidsrelaties, dus ook vrijwilligers, uitzendkrachten en stagekrachten.

Het Waarschuwingsregister:
• Vergroot de veiligheid en het vertrouwen binnen de organisatie.
• Draagt bij aan een zorgzame, veilige woonomgeving voor cliënten.
• Zorgt voor een prettige werksfeer voor medewerkers en vrijwilligers.

Wanneer registratie in het Waarschuwingsregister?

Diefstal, mishandeling en seksueel grensoverschrijdend gedrag gepleegd jegens cliënten vallen (op dit moment) binnen het Waarschuwingsregister. Er wordt gekeken naar mogelijkheden om dit verder uit te breiden.

Criteria voor opname in het Waarschuwingsregister zijn:
• Strafbare activiteit moet leiden tot ontslag of beëindiging arbeidsrelatie (dit kan ook met een vaststellingsovereenkomst).
• Er moet een proces-verbaal (aangifte) zijn – aangifte kan door cliënt, familie of organisatie.
• Er moet voldoende bewijs zijn.
• De betrokken persoon moet geïnformeerd worden over opname in het register.
• Gevolgen van opname staan in verhouding tot het gepleegde delict.

Waarschuwingsregister en vergewisplicht

Met de komst van de ‘vergewisplicht’ zijn zorgaanbieders verplicht onderzoek te doen naar het arbeidsverleden van hun toekomstig personeel. Deze plicht kan op verschillende manieren worden ingevuld. Bijvoorbeeld door referenties na te gaan, een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) aan te vragen of een check bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg te doen. Dat is echter niet altijd afdoende.

• VOG wordt bijna nooit geweigerd (0,15 % in 2015 – 1 tot 3 % van alle zorgmedewerkers gaat ernstig over de schreef) en een VOG wordt alleen geweigerd wanneer er een veroordeling is – registreren in het Waarschuwingsregister kan na aangifte (veroordeling dus niet nodig).
• Check bij Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd – dit is alleen mogelijk bij zorggebonden functies (Waarschuwingsregister betreft alle medewerkers waarmee de cliënt te maken heeft) en de Inspectie doet eerst zelf een uitgebreid onderzoek (dit kost tijd en registratie in het Waarschuwingsregister kan meteen na aangifte).
• Referenties – Gedragsregels zorgen ervoor dat niet alle informatie gedeeld kan/mag worden.
• BIG – de meeste medewerkers in de langdurige zorg hebben geen BIG-registratie.

Waarschuwingsregister en privacy

De privacy van alle betrokkenen is gewaarborgd in het Waarschuwingsregister. De werkwijze van het register is goedgekeurd door de Autoriteit Persoonsgegevens. Alleen de persoonlijke gegevens van een misdrager worden volgens een streng protocol in het Waarschuwingsregister vermeld. Er wordt in het register zelfs geen melding gemaakt over de aard van het delict. Ook cliënten blijven volledig buiten beeld. Verder is het register afgeschermd en alleen toegankelijk voor een aantal (HR)medewerkers die vertrouwelijk met de gegevens omgaan.

Registreren. Allemaal en altijd.

Samen kunnen we voorkomen dat medewerkers die over de schreef gaan ergens anders in zorg en welzijn weer aan de slag kunnen. Door allemaal mee te doen aan het Waarschuwingsregister Zorg & Welzijn. En door altijd te registreren. Zo creëren we samen een veilige zorg voor iedereen.

Gerelateerd nieuws

Al het nieuws